Het altaar-retabel in de Nepomucenus-kapel
De legende van Jan Nepomuk en het altaar-retabel in de Nepomucenus-kapel
Wie de Boxmeerse Nepomukkapel bezoekt wordt niet alleen verrast door de prachtige lichtinval door de kunstzinnige glas-in lood ramen, maar ook door het schitterende barok altaar-retabel. Het middenpaneel bestaat uit een groot olieverfschilderij met een bijzonder moment uit het leven van de heilige waar de kapel naar is vernoemd: Johannes Nepomucenes, ofwel Jan van Nepomuk. Meestal wordt Jan statig afgebeeld als vicaris generaal, maar op deze voorstelling is te zien hoe zijn levenloze lichaam uit de Moldau wordt gedragen. Dat maakt deze voorstelling van Nepomuk in kerkelijke kunst tamelijk uniek. Ook zijn er maar weinig barok altaarretabels bekend, dus ook dat maakt het Boxmeerse altaar heel bijzonder.
Om meer te weten te komen over diens levenswandel is een bezoek aan Praag aan te bevelen.
Bezoek je Praag, dan loop je onvermijdelijk een keer over de Karelsbrug. En zonder dat je het beseft, passeer je hem: een serene heilige met vijf sterren rond zijn hoofd, vaak glimmend van de talloze handen die zijn plaquette hebben aangeraakt.
Dit is Jan van Nepomuk – of in het Tsjechisch Jan Nepomucký – misschien wel de beroemdste martelaar van Tsjechië. Mensen komen van heinde en verre om even zijn beeld aan te raken, in de hoop op een beetje geluk of een veilige terugkeer naar Praag.
Het standbeeld van Jan van Nepomuk op de Karelsbrug in Praag is veel meer dan een toeristische bezienswaardigheid. In de hele stad vind je tientallen beelden van deze heilige, symbool van trouw en stilte. Maar zijn legende hoort thuis boven de glinsterende Moldau.
Het verhaal voert ons terug naar de 14e eeuw, aan het hof van koning Wenceslas IV – niet bepaald een toonbeeld van zelfbeheersing. Jan van Nepomuk was toen vicaris-generaal van de aartsbisschop van Praag én biechtvader van koningin Sophie van Beieren.
Volgens de overlevering wilde de koning maar al te graag weten wat zijn vrouw hem in de biecht - hij vermoedde overspel - had toevertrouwd. Maar Jan, als trouwe priester, wist wat zijn plicht was: de geheimen van de biecht blijven altijd vertrouwelijk.
Wat hij wist, mocht hij nooit doorvertellen – niet aan een koning, niet aan wie dan ook.
Marteling en zijn dood
Koning Wenceslas IV stond bekend om zijn tirannieke aard en duldde geen tegenspraak. Toen Jan van Nepomuk weigerde het biechtgeheim van de koningin te schenden, barstte de koning in woede uit. Hij liet Jan gevangennemen.
Volgens een brief van de bisschop van Praag aan paus Bonifatius IX werd Jan daarna eerst wreed gemarteld: zijn lichaam verbrand en verwrongen tot hij nauwelijks nog leefde. Daarna sleepte men hem, met op de rug gebonden handen en een stuk hout tussen zijn kaken, door de straten van de stad.
Vervolgens werd Jan met de middeleeuwse subtiliteit die we inmiddels van vorsten gewend zijn in de nacht van 20 maart 1393 van de Karelsbrug in de rivier de Moldau geworpen.
Het water sloot zich boven hem, en daarmee werd de stilte van de biecht letterlijk verzegeld.
De vijf sterren boven de Moldau
Nadat Jan in de Moldau werd geworpen, zou iets wonderlijks zijn gebeurd: zijn verminkte lichaam dreef omhoog, omgeven door vijf sterren. Die sterren, symbool van het wonder én van zijn devies “Tacui” – Ik heb gezwegen – zie je nog altijd boven zijn hoofd op vrijwel elk beeld van Jan van Nepomuk.
De toegestroomde inwoners van Praag herkenden meteen hun geliefde predikant. Ze haalden hem uit het water en legden hem eerbiedig op de oever.
(Dit bijzondere moment wordt op het schilderij van het altaarretabel in de kapel weergegeven.)
De volgende dag stroomden duizenden mensen toe om afscheid te nemen. Vooral de armen, die hij altijd had geholpen en getroost, konden moeilijk geloven dat hun ‘vader Jan’ er niet meer was. Koning Wenceslas probeerde het lichaam in het geheim te laten begraven, maar volgens de overlevering hing er zo’n “geur van heiligheid” rond zijn graf dat het al snel werd ontdekt.
Onder grote publieke belangstelling werd Jan van Nepomuk uiteindelijk bijgezet in de Sint-Vituskathedraal, waar hij tot op de dag van vandaag wordt vereerd. Zijn tombe – een weelderig zilveren meesterwerk – trekt nog altijd pelgrims en bezoekers die geloven dat Jan van boven nog steeds luistert naar wie hem met een oprecht hart aanroept.
Feit of fabel?
Historici vermoeden dat het verhaal van Jan deels is verfraaid. Er leefden destijds meerdere geestelijken met de naam Jan van Pomuk (Pomuk was zijn geboorteplaats), en het is goed mogelijk dat verschillende verhalen zijn samengevoegd tot één dramatisch geheel.
Toch werd hij in 1729 officieel heilig verklaard, en sindsdien is Jan van Nepomuk uitgegroeid tot de beschermer van biechtvaders, bruggen én van wie zijn geheimen niet wil prijsgeven – een heilige met een moreel kompas waar zelfs de Moldau stil van wordt.
Boxmeer
De kapel in Boxmeer werd in 1737 gebouwd en is dus al 8 jaar na zijn heiligverklaring aan Jan van Nepomuk gewijd, heel bijzonder… De verering van Nepomuk vond vooral in midden Europa plaats, hier is dan ook de relatie met het Duitse Sigmaringen te leggen vanwege de grafelijke familie Van den Berg Von Hohenzollern Sigmaringen, de gebruikers van deze hofkapel.
Terug naar het altaar-paneel: hoog in de wolken kijken twee engelen neer op de gebeurtenis met een lauwer- of zegekrans en een martelaarstak in hun handen. Het schilderij werd in 1929 gedeeltelijk overgeschilderd in de kenmerkende stijl uit die tijd; dat verklaart het grote contrast tussen de grove lijnen van de dragers met de verfijnde trekken van het gezicht van Johannes en de engelen. Een oorspronkelijk 18e eeuws doek dus met een 20e eeuwse ‘restauratie’.
Ook heeft de schilder de geschiedschrijving daarbij enigszins geweld aangedaan; de oorspronkelijke 5 sterren in het aureool, van het 5-letterige woord ‘Tacui’ , heeft plaatsgemaakt voor een sterrenkrans van maar liefst 14 sterren.
De verering van Nepomuk vinden we in Nederland naast Boxmeer alleen nog terug in het Limburgse Swalmen.
Bronvermelding: https://www.verliefdoppraag.nl/