Albert van den Berg
Albert van den Berg

Albert van den Berg

De wapens van graaf Albert van den Bergh en Madeleine de Cusance.

 

Albert van den Bergh (1607-1656)

Graaf Albert van den Bergh

Graaf Albert was de oudste zoon van Frederik van den Bergh en Françoise de Ravenel. Al toen de kinderen nog heel jong waren, was door de wederzijdse ouders beslist dat hij zou trouwen met zijn nichtje Maria Elisabeth Clara van den Bergh , de dochter van zijn oom Herman en Maria Mencia van Witthem. Op deze wijze konden de Berghse bezittingen weer in één hand worden gebracht. Zijn toekomstige bruid was op dat moment drie maanden oud.

Het huwelijk tussen Albert en Maria Elisabeth Clara werd in 1625 gesloten in het aartshertogelijk paleis te Brussel. Na vier dode kinderen te hebben gebaard overleed Maria Elisabeth Clara in 1633 op 23 jarige leeftijd. Na haar dood werd ontdekt, dat de zeven maanden zwangere vrouw nog een zoon had gebaard, doch ook dit kind bleek dood te zijn. Zijn geboorte veroorzaakte bij de afwikkeling van de nalatenschap van gravin Maria Elisabeth Clara de nodige complicaties, omdat werd verondersteld, dat het kind na zijn moeder zou zijn overleden.
Zowel Graaf Albert als zijn oom Hendrik achtten zich gerechtigd aanspraak te maken op de nalatenschap. Dit mondde uit in een belegering van Huis Bergh door Hendrik, en later in eindeloze procedures voor het Gelderse hof en het Zutphense leenhof.

In 1641 hertrouwde Albert met Madeleine de Cusance, gravin van Champlitte. Zij was een nicht van zijn eerste vrouw hetgeen de juridische situatie nog verder compliceerde, omdat ook zij rechten op het markizaat van Bergen op Zoom kon doen gelden. In 1644 werd het de twistende partijen duidelijk, dat verdergaande procedures tot een financiële ruïne zouden leiden. De oudste dochter van de in 1638 overleden graaf Hendrik, gravin Maria Elisabeth, was in 1630 getrouwd met Eitel Friedrich von Hohenzollern-Hechingen. Maria Elisabeth en graaf Albert spraken af, dat zij het markizaat van Bergen op Zoom in ongestoord bezit zou krijgen en hij het graafschap Bergh. Om alle bezittingen uiteindelijk weer in één hand te verenigen werd tevens afgesproken, dat de zoon van Albert, Frederik Frans, t.z.t. in het huwelijk zou treden met de dochter van Maria Elisabeth.
Hij overleed in 1656 in Boxmeer.

Schilderijen in de refter.

In de eetzaal des kloosters hangen de levensgrote portretten

van Albert van den Bergh en Madeleine de Cusance, van

Oswald van den Bergh en Maria Leopoldina van Oostfriesland

en Ritberg en van Frans Wilhelm van Hohenzollern Sigma-

ringen en Maria Catherina, gravin Truchses zu Zeijle. Zij

munten uit door goede gelijkenis.